Leendert Brouwer

CBG|Familienamen

Gepubliceerd op 19-06-2017

Boom

betekenis & definitie

1. Geeft aan waar de naamdrager woonde: bij een bepaalde boom, waarmee mogelijk ook een slagboom kan zijn bedoeld (van een tol).

2. Bijnaam bij vergelijking met het zelfstandig naamwoord 'boom' voor een groot, fors persoon.
3. Beroepsbijnaam van de slagboomwachter of van de man die de kettingboom windt, die opboomt.