Wat is de betekenis van stelsel?

2019
2023-02-07
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

stelsel

stelsel - Zelfstandignaamwoord 1. een geordend geheel, samenstel van delen Kunt u mij uitleggen wat het vertebrale stelsel is? 2. een systeem In het binaire stelsel worden enkel de cijfers 0 en 1 gebruikt. 3. (wiskunde) een set van vergelijkin...

Lees verder
2018
2023-02-07
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

stelsel

stelsel - zelfstandig naamwoord uitspraak: stel-sel 1. geheel van afspraken of regels ♢ weet jij hoe het stelsel van deze verzekering in elkaar zit? 2. geordend geheel, bouwwerk ♢ vet is slecht...

Lees verder
1981
2023-02-07
Zelfstudie

Encyclopedie voor Zelfstudie

stelsel

zie systeem.

1973
2023-02-07
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

stelsel

o. (-s), 1. samenstel van delen: een — van forten; 2. systeem: — van maten en gewichten; (rekenkunde) het tientallig —, waarbij tien verzamelende eenheden een nieuwe eenheid van één rang hoger vormen; 3. geheel van opvattingen, denkbeelden enz. die bij elkaar horen; vervolgens ook: samenstel van regels waarnaar men...

Lees verder
1952
2023-02-07
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Stelsel

s.n., stelsel (it).

1950
2023-02-07
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

STELSEL

o. (-s), STELSELTJE, o. (-s), 1. (gew.) geheel van bij elkaar horende zaken, stel: een notebomen kabinet met een stelsel van porselein; 2. samenstel van delen: een eenvoudig stelsel van muren; een stelsel van forten: het stelsel van zenuwen, spieren; vgl. zonnestelsel, wortelstelsel; 3. samenstel van op een...

Lees verder
1937
2023-02-07
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

stelsel

o. -s, stelseltje; doelmatig geordend samenhangend geheel van bijeenbehorende dingen en hun onderdelen; een aantal, tot een geheel samengevoegde wijsgerige begrippen, logisch uit elkaar voortkomende; een aantal, een geheel vormende grondbeginselen, volgens welke men handelt; systeem: ons zonnestelsel; het tientallig stelsel; een stelsel handhaven;...

Lees verder
1930
2023-02-07
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

stelsel

('stelsəl) o. (-s; -tje) [< samenstellen] geheel van samengestelde delen nl. 1. geheel van doelmatige samengeordende dingen : de zon en de planeten met hun manen vormen samen het zonnestelsel; een van zenuwen; plantenstelsel; van maten en gewichten; acht-, tientallig -, stelsel van cijfers waarbij ieder verzamelende eenheid bestaat uit acht...

Lees verder
1916
2023-02-07
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Stelsel

Stelsel - (biol.), zie SYSTEEM.

1908
2023-02-07
Vivat

Schrijver op Ensie

Stelsel

plantk., zie systema.

1898
2023-02-07
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Stelsel

Stelsel - o. (-s), verzameling van aangenomen wijsgeerige begrippen: een stelsel opbouwen, verdedigen, bestrijden, omverwerpen; het stelsel van Copernicus, van Ptolemaeus; — grondbeginselen waarnaar men handelt; hij zal van stelsel moeten veranderen; — verzameling van verschillende voorwerpen, die samen een geheel vormen of tot een geh...

Lees verder
1870
2023-02-07
Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Stelsel

Stelsel noemt men op het gebied der bespiegelende wijsbegeerte en der godgeleerdheid een naar vaste beginselen gerangschikt geheel van stellingen en leerbegrippen, — en op dat der natuurlijke historie eene juiste rangschikking van alle voorwerpen der natuur, zoodat men een geregeld overzigt kan verkrijgen van het geheel. Ook andere wetenschappen he...

Lees verder
1864
2023-02-07
Nieuw woordenboek der Nederlandsche taal

I.M. Calisch (1864)

Stelsel

Stelsel, o. (-s), verzameling van aangenomen wijsgeerige begrippen; grondbeginselen waarnaar men handelt; vastgestelde regelen, - bepalingen; systeem; (zeew.) ijzerwerk aan het roer. *-MATIG, bn. en bijw. (-er, -st), -LIJK, bijw. naar een stelsel, volgens eene aangenomen orde, systematisch. *-LOOS, bn. zonder stelsel, onregelmatig. *-ZUCHT, v. gm...

Lees verder
1856
2023-02-07
Jacob van Lennep

Zeemans-woordenboek 1856

Stelsel

z.n.o. - Yzerwerk van het roer.