Wat is de betekenis van min?

2020
2021-06-24
Meertens Instituut

Nederlandse Voornamenbank

Min

Zie Meine

2020
2021-06-24
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2020.

min

(1980+) (jeugd) een minne gast: een laf, onbetrouwbaar type. Onder scholieren ook 'een minne tekkel': een gemeen iemand (K. Laps: Nationaal Scheldwoordenboek). Verwantschap met het joodse 'mene tekel' (uit het Aramees)? Zie hiervoor Onze Taal, april 1963 (Joodse woorden in het Nederlands). • Een 'minne' gast daarentegen is een laf, onbetrouwba...

Lees verder
2019
2021-06-24
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

min

min - Zelfstandignaamwoord 1. (beroep) een vrouw die tegen betaling een vreemd kind zoogt 2. liefde, genegenheid (zie bijv. minnedicht) 3. negatieve waarde 4. (wiskunde) minteken 5. (elektrotechniek) negatieve pool min - Bijvoeglijk naamwoord 1. verachtelijk, gemeen 2. ondermaats, onbetekenend, onbeduidend ...

Lees verder
2018
2021-06-24
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

min

min - zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoord, bijwoord min. - bijwoord, afkorting 1. teken waarmee je aangeeft dat een getal moet worden afgetrokken van een ander getal ♢zeven min drie is vier 2. weinig betekenend...

Lees verder
1977
2021-06-24
Erotisch woordenboek

Hans Heestermans

min

min - (lichamelijke) liefde. Men mag wel zeggen dat de vrouwen te allen tijde tot de min in staat zijn, Eros. L. 105 [18e e.].

Lees verder
1964
2021-06-24
voornamen

Voornamenboek

Min

m/v -> Meine (Gron. (m.)/ Fri. (vr.)).

1952
2021-06-24
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Min

1. s., minne(moer), boarst-, tatebringster, amme, amke (it). 2. adj. & adv., min; — of meer, min ofte mear.

Lees verder
1950
2021-06-24
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Min

Minister; (ook) Ministerie.

1949
2021-06-24
Boevenjargon

Geschreven door Professor Henry Roskam

min

(enkelvoud van: minim) veinzaard.

1949
2021-06-24
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Min

(1), Egypt. god, vereerd in Achmim en Koptos, beschermer der wegen, god der vruchtbaarheid, te vergelijken met de Gr. god Pan; (2) vrouw, die naast haar eigen kind dat van een ander zoogt.

Lees verder
1939
2021-06-24
Humoristisch woordenboek

Amusant-Zorgenverdrijvend Woordenboek (De Kolibri)

Min

Rondborstige vrouw, die eerste voedingsmiddel hygiënisch verpakt geeft.

1916
2021-06-24
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Min

Min, - zie MINUS.

1898
2021-06-24
J.V. Hendriks

Handwoordenboek van Nederlansche Synoniemen 1898

Min

zie Liefde.