Wat is de betekenis van gelijkvormig?

2018
2021-04-16
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

gelijkvormig

gelijkvormig - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: ge-lijk-vor-mig 1. gelijk van vorm of uiterlijk ♢ die uniformen zorgen voor een gelijkvormig uiterlijk Bijvoeglijk naamwoord: ge-lijk-vor-mig de/het gelijkvormige ......

Lees verder
1973
2021-04-16
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

gelijkvormig

bn., 1. gelijk van vorm of uiterlijke gedaante; (geologie) gelijkvormige ligging, (van steensoorten in de aardkorst) in strekking en helling met die van een andere soort overeenkomend; (meetkunde, van vlakken of lichamen) in vorm met elkaar overeenkomend (e); (gew.) voor — afschrift, eensluidend; 2. (van fysische processen) die door dezelfde...

Lees verder
1952
2021-04-16
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Gelijkvormig

adj., lykfoarmich.

1949
2021-04-16
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Gelijkvormig

wordt in de meetkunde gezegd van figuren die door vergroting (verkleining) aan elkaar gelijk te maken zijn.

1933
2021-04-16
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Gelijkvormig

Gelijkvormig - 1° (Meetk.) Twee figuren F en F' noemt men g., als men door → vermenigvuldiging van F een fig. F" kan verkrijgen, die met F' gelijk en gelijkvormig is; teeken : oo. Het getal, waarmee men F moet vermenigvuldigen om F" te verkrijgen, is de gelijkvormigheidsfactor. Twee g. driehoeken of veelhoeken hebben ge...

Lees verder
1916
2021-04-16
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Gelijkvormig

Gelijkvormig - Twee driehoeken zijn gelijkvormig, wanneer ze gelijke hoeken hebben; in dat geval hebben overeenkomstige (tegenover gelijke hoeken staande) zijden twee aan twee dezelfde verhouding. In ’t algemeen noemt men figuren gelijkvormig, wanneer ze zoodanig punt voor punt, lijn voor lijn, enz., overeenkomen; dat correspondeerende hoeken even...

Lees verder
1898
2021-04-16
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gelijkvormig

GELIJKVORMIG, bn. gelijk van vorm of uiterlijke gedaante; — (aardk.) gelijkvormige ligging, (van steensoorten in de aardkorst) eene ligging waarbij de lagen der eene soort in strekking en helling met die eener andere soort overeenkomen; — (meetk.) (van vlakken of lichamen) in vorm met elkaar overeenkomende, gelijk b. v. driehoeken wier...

Lees verder