Wat is de betekenis van Deugd — braafheid — heiligheid — vroomheid?

1898
2022-12-06
J.V. Hendriks

Handwoordenboek van Nederlansche Synoniemen 1898

Deugd — braafheid — heiligheid — vroomheid

Alle geven te kennen een hoogen trap van zedelijke volkomenheid. Deugd is innerlijke, zedelijke waarde, eene gemoedsgesteldheid, die ten goede drijft (een man van onverzettelijke deugd); het meervoud deugden duidt de hoedanigheden aan, die een deugdzaam man versieren (hij vereenigde de deugden van den burger met die des huisvaders). In figuurlijken...

Lees verder