Fabriekscholen betekenis & definitie

Fabriekscholen zijn scholen van lager onderwijs, doorgaans door eigenaars van groote fabrieken ten behoeve van de kinderen hunner werklieden gesticht. Het zou te wenschen wezen, dat zij onnoodig waren, namelijk dat genoemde kinderen door hunne ouders althans tot aan den 12-jarigen leeftijd naar de gewone scholen van lager onderwijs werden gezonden. Omtrent die aangelegenheid zijn in Engeland, Frankrijk en Duitschland wettelijke bepalingen gemaakt. Daar echter in ons Vaderland geenerlei schooldwang bestaat, hebben de ouders de magt, om hunne kinderen naar de fabrieken te zenden, zoodra zij daar iets kunnen verdienen.

Men meene echter niet, dat de fabriekscholen voor het gemis aan onderwijs eene voldoende vergoeding opleveren. Immers men kan nagaan, dat kinderen, die zich gedurende den dag vele uren moeten inspannen, om ligchamelijken arbeid te verrigten, weinig opgewektheid hebben, om met inspanning des geestes naar den onderwijzer te luisteren. Bij sommigen is zelfs het vermoeden opgekomen, dat fabrikanten de oprigting van zulke scholen wel eens hebben bevorderd, om een wapen te hebben tegen de beschuldiging, dat ztj uit winstbejag misbruik maken van den kostbaren leertijd der jeugd. Geschieden echter zulke pogingen der fabrikanten enkel mot het doel, om de ontwikkeling der fabriekskinderen te bevorderen, dan mogen wij haar in hooge mate weldadig noemen. Het is bekend, dat ook in Nederland, bepaaldelijk in Twente, zoodanige scholen bestaan.

Laatst bijgewerkt 07-08-2018