stof betekenis & definitie

stof - Zelfstandignaamwoord
1. materiaal, chemische verbinding
2. weefsel, textiel

stof - Zelfstandignaamwoord
1. heel kleine deeltjes

stof - Werkwoord
1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van stoffen
♢ Ik stof
2. gebiedende wijs van stoffen
stof!
3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van stoffen
stof je?

Woordherkomst
[A]: Via het Middelnederlandse stoffe afgeleid van het Oudfranse estophe, wat weer een leenwoord uit het Frankisch is (stopfon)
: Afgeleid van de stam van stuiven

Uitdrukkingen en gezegden
♦ veel stof doen opwaaien
veel indruk maken op mensen