Karakter wat is de betekenis & definitie

Het karakter is het geheel van persoonskenmerken, die zowel erfelijk zijn bepaald als aangeleerd. Het betreft een combinatie van vaste innerlijke eigenschappen en de invloed die de omgeving op iemand heeft. Opvoeding speelt hierbij een belangrijke rol.

Ieder karakter is uniek en bestaat uit kenmerken die bij een bepaald persoon horen. Het karakter is de kern van de persoonlijkheid. Bepaalde delen uit de persoonlijkheid kunnen aan- of afgeleerd worden. Vaak wordt er vanuit gegaan dat het bij karakter om onveranderbare, stabiele eigenschappen gaat. Menselijke karaktereigenschappen zijn bijvoorbeeld behulpzaam, beschermend, ijverig, moedig en wispelturig.

Al vanaf de geboorte ontwikkelen mensen hun karakter. Bij baby’s zijn bepaalde eigenschappen al direct merkbaar. Baby’s die bijvoorbeeld veel slapen worden introvert genoemd. Baby's die juist het tegenovergestelde zijn en dus weinig slapen, worden extravert genoemd. Deze eigenschappen zijn aangeboren en niet te veranderen. Mensen die in hun jeugd veel liefde hebben ontvangen, hebben later over het algemeen weinig moeite met het tonen van liefde aan hun naasten en kunnen zich beter inleven in de gevoelens van anderen. Kinderen die een moeilijke jeugd hebben gehad, hebben vaak meer moeite met sociale contacten leggen en met zichzelf in anderen kunnen verplaatsen. Dit uit zich in karaktereigenschappen als mensenschuw en zwijgzaam zijn.

Dieren hebben ook een karakter en beschikken daarmee over karaktereigenschappen. Deze zijn veelal verbonden aan het soort ras waar ze toe behoren. Zo zijn bijvoorbeeld Golden Retrievers zachtaardige, intelligente en energieke honden met een groot uithoudingsvermogen.