Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

bas

betekenis & definitie

bas - zelfstandig naamwoord

1. zanger met een heel lage stem
vooral de bas zong erg mooi
2. de laagste partij in een muziekstuk
♢ in het basgedeelte zit een prachtige melodie
3. de laagste mannenstem
♢ wie van jullie heeft een bas?
4. een groot, en diep klinkend snareninstrument
♢ mijn broer speelt de bas

Zelfstandig naamwoord: bas
de bas
de bassen
het basje