Wat is de betekenis van bas?

2024-07-20
Prisma Groot Woordenboek Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2024)

2024-07-20
Algemeen Nederlands Woordenboek

Algemeen Nederlands Woordenboek (2009-heden)

bas

Het begrip bas heeft 6 verschillende betekenissen: 1) laagste zangstem. laagste zangstem bij mannenstemmen. 2) contrabas. strijkinstrument dat in zijn soort het grootste is en het laagste klinkt; contrabas. 3) basgitaar. gitaar met vier snaren in dezelfde stemming als de contrabas, die wordt gebruikt als basinstrument in popm...

2024-07-20
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster (2020-2024)

bas

1) (19e eeuw) (Barg.) stuiver. • Ik was nog zoo kaffers (boersch) dat ik hun alles overgaf en zij en haar pol palmden de basjes (stuivers) soven (guldens) en radden (daalders) in, en toen ik een paar dagen later een basje (stuiver) voor smerrie (tabak) vroeg, zeide haar Pol: Jan, gij zijt nu in de leering geweest, ga naar den manken Albert, di...

2024-07-20
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster (2020-2024)

BAS

(2022) (< Eng. bitches ain't shit) (jeugd) uitroep van jongens om te klagen over meisjes. • BAS (bitches ain’t shit): wijven zijn poep. ‘BAS man’, zeggen jongens als ze willen klagen over meiden. ‘Ik mag nooit iets van mijn vriendin en zelf doet ze alles, BAS.’ Of: ‘Mijn vriendin praat met andere jongens,...

2024-07-20
Nederlandse Voornamenbank

Meertens Instituut (2020)

Bas

Verkorting van Sebastianus, in Duitsland ook van Barnabas.

2024-07-20
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

Bas

Bas - Eigennaam 1. (mannelijke naam) jongensnaam

2024-07-20
Ewoud Sanders woordenboeken

Ewoud Sanders (2019)

bas

stuiver Omstreeks 1860 voor het eerst opgenomen in een Bargoense woordenlijst, opgesteld door M. Verwoert, indertijd directeur van een gevangenis te Utrecht. Van het Jiddische beis voor de tweede letter van het Hebreeuwse alfabet, die ‘twee’ als getalswaarde heeft. Twee vierduitstukken maakten indertijd samen een stuiver, vandaar. Ook aanget...

2024-07-20
Familienamen

Leendert Brouwer (2017)

Bas

1. Kort eenstammig patroniem, kenmerkend voor Noord-Holland, op basis van de roepnaam Bas uit de voornaam Sebastiaan. 2. Bijnaam of beroepsnaam voor iemand, in het bijzonder een zanger, met een basstem. 3. Toename van de naam Bas is mede te danken aan immigratie uit Turkije, betreffende de naam Bas of Bas met een s-cedille, tevens een component in...

Wil je toegang tot alle 20 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2024-07-20
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

bas

bas - zelfstandig naamwoord 1. zanger met een heel lage stem ♢ vooral de bas zong erg mooi 2. de laagste partij in een muziekstuk ♢ in het basgedeelte zit een prachtige melodie 3...