Chili betekenis & definitie

'Het paradijs voor een wijnmaker’, 'Een kas zonder glas’... Ziehier een tweetal kwalificaties voor Chili.

Perfecte omstandigheden, warme, droge zomers, voldoende smeltwater van de Andes, goede grond, nauwelijks diertjes en schimmels die de stokken of de druiven te lijf gaan en goedkope werknemers. Met andere woorden, eigenlijk moet je wel een ontzettende oelewapper zijn om daar geen fatsoenlijke wijn in een fles te krijgen. En die is dan ook volop aanwezig. Vooral van de oude bekenden cabernet sauvignon, merlot en shiraz voor rood en chardonnay en sauvignon blanc voor wit. Maar er wordt nu ook volop gescoord met 'eigen druiven' zoals de carmenère (zie ook aldaar). Het startschot voor het succes klonk eind 19e eeuw. De rest van de wijnwereld werd toen geteisterd door meeldauw en phylloxera, maar deze bereikten het verre Chili niet. Toen al werd de fundering gelegd onder een wijnindustrie die de wereld echt veroverde in de jaren negentig van de 20e eeuw. De economie floreerde vooral omdat de democratie hersteld was en ook buitenlanders weer konden investeren. In eerste instantie werd de markt verrast door zeer voordelige wijnen van onberispelijke kwaliteit van rond de 5 euro en minder. En nu speelt het land zich steeds meer in de kijker met (vooral rode) wijnen in het hogere segment. Enige punt van aandacht: die voordelige wijnen worden langzamerhand steeds duurder. De (vooral Argentijnse) concurrentie springt dankbaar in dit gat. Nog steeds geldt echter: wie niet al te veel geld wil uitgeven, heeft de minste kans op een 'niet' door een Chileen in zijn winkelwagentje te zetten.

Gepubliceerd op 17-05-2017