Wat is de betekenis van weerga?

2019
2023-01-27
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

weerga

weerga - Zelfstandignaamwoord 1. gelijke, evenbeeld Woordherkomst samenstelling van weer en ga

Lees verder
1997
2023-01-27
Vloeken

Prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg: Vloeken, een cultuurbepaalde reactie op woede, irritatie en frustratie (SDU, 2001).

weerga

In uitroepen, bastaardvloeken en verwensingen wordt weerga, dat oorspronkelijk ‘gelijke, evenbeeld’ betekende, gebruikt om uitdrukking te geven aan gevoelens van frustratie en woede. Het wnt veronderstelt dat weerga in dezen beinvloed is door weerlicht. Begin 19de eeuw kwam de weerga zal je halen voor. Ook de...

Lees verder
1973
2023-01-27
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Weerga

v./m., drommel, bliksem: wat weerga!; loop naar de weerga!; als de weerga, als de bliksem; ook met versterkende toevoegsels: als de wiedeweerga.

1952
2023-01-27
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Weerga

s., wjergea, gelikens.

1937
2023-01-27
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

weerga

I. weergade, v.; zie w e d e r g a. II. v. (drommel, bliksem): om de weerga niet; als de weerga! vlug! wat weerga! wat weerga moet ik daar doen? loop naar de weerga, ergens de weerga van geven; soms als persoon, en dan m.: Nurks luchtte zijn hart over den „lastigen dikken weerga”.

Lees verder
1930
2023-01-27
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

weerga

I ('we:rga) v.(...gaas) samentrekking van wedergade. II ('we:rga) [onder de invloed van weerlicht gebruikt] 1. v. drommel, duivel: de zal je halen; loop naar de -; om de niet. Gez. er geen om geven, geen zier: ergens de van geven, er de brui van geven; wat -! wat drommels! 2. m. en v. Uitbr. lastige persoon: wat wil die dikke -!

Lees verder
1898
2023-01-27
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

WEERGA

WEERGA - v. zie WEDERGADE, wat weerga, drommels; loop naar de weerga, loop naar den duivel; de weerga zal je halen.