Wat is de betekenis van planten?

2022
2022-08-13
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2022.

planten

(1904) (Barg.) verstoppen (in de grond). • Planten: gestolen goed verstoppen. (A. Aletrino: Handleiding bij de studie der crimineele anthropologie. 1904, woordenlijst achteraan) • De nabestaande hebbe recht op volledig overzicht van onze deelneming. Als jullie dat nog niet kneize, heb-ie nooit eerder van je leve een deftig lijkie zien pl...

Lees verder
2018
2022-08-13
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

planten

planten - regelmatig werkwoord uitspraak: plan-ten 1. in de grond zetten om te laten groeien ♢ Roos plant de nieuwe struiken in de border 2. ergens neerzetten ♢ hij plantte de stoel pal voor het...

Lees verder
1997
2022-08-13
Vloeken

Prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg: Vloeken, een cultuurbepaalde reactie op woede, irritatie en frustratie (SDU, 2001).

planten

zie patat.

1974
2022-08-13
Biologische encyclopedie

Biologische encyclopedie geschreven door G. Th. van Kempen. Amsterdam, 1974.

planten

(L., planta = ent, aflegger, stekje), autotroof of obligaat heterotroof levende organismen, in staat om, door foto- of chemosynthese, anorganische stoffen om te zetten in organische. Zij leven dus autotroof. De obligaat-heterotrofe organismen, die speciaal wat de voortplanting betreft meer met groene planten overeenkomen dan met dieren, worden er o...

Lees verder
1973
2022-08-13
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

planten

(plantte, heeft geplant), 1. in aarde, in de grond zetten om te laten groeien: een boom planten; aardappelen planten, poten; (bij uitbreiding) een tuin, een haag, een boomgaard planten; (van haren, passief) in de huid gezet, ingeplant zijn; 2. (cultuurgewassen) aanplanten en kweken: rijst, tabak planten; (spreekt.) oesters planten; 3. (palen, stake...

Lees verder
1969
2022-08-13
Pieter Scheen

Rode Scheen: Lexicon Nederlandse beeldende kunstenaars 1750-1950

Planten

Planten - zie E. IJ. Maillie.

1955
2022-08-13
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Planten

(Barg.) verstoppen

1954
2022-08-13
Agrarisch

Agrarisch Encyclopedie

Planten

Men spreekt van p., indien men bewortelde gewassen verplaatst. Hierbij dient men er voor te zorgen, dat de grond plantklaar is, d.w.z. in zodanige toestand, dat de wortels zich gemakkelijk kunnen ontwikkelen. Indien men het gehele terrein goed bewerkt, hetzij met de hand hetzij machinaal, is het maken van een groot plantgat vrijwel overbodig. Men k...

Lees verder
1952
2022-08-13
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Planten

v., plantsje, sette.

1950
2022-08-13
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Planten

(plantte, heeft geplant), 1. in aarde, in de grond zetten om te doen groeien: bloemen in de tuinplanten ; aardappelen planten, poten; — een tuin, een haag, een boomgaard planten; 2. verplanten; — gekweekte planten uitplanten; 3. (van cultuurgewassen) aanplanten en kweken: rijst, tabak planten; 4. (palen, s...

Lees verder
1949
2022-08-13
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Planten

Verzorging van de voornaamste kamerplanten en bloemen Gebruikte afkortingen: B=Bladaarde, Bo=Bosgrond, S=oude Stalmest, Z=(scherp) Zand, Gr=Graszodegrond

Lees verder
1949
2022-08-13
Boevenjargon

Geschreven door Professor Henry Roskam

planten

verstoppen.

1937
2022-08-13
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

planten

plantte, h. geplant (Fr. [Lat. plantare]: 1 gewassen enz. in de grond plaatsen, zodat ze wortel kunnen schieten en groeien; 2 van cultuurgewassen: aanplanten en kweken; 3 bij verg. met het in de grond zetten v. e. boom: in de grond of bovenop iets zetten om daar tijdelijk te blijven staan; 4 in ’t alg. op iets plaatsen of stevig vastzetten; 5...

Lees verder
1933
2022-08-13
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Planten

Zoo is het licht niet alleen de energiebron voor het koolzuur-assimilatieproces der planten, doch het heeft ook een prikkelende werking op de organismen. Eenzijdige belichting van een plantenstelsel veroorzaakt een krommingsbeweging in de richting van het licht. De energie voor deze reactie wordt niet geleverd door het licht; het lokt als het ware...

Lees verder
1898
2022-08-13
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Planten

Planten (plantte, heeft geplant), in aarde, in den grond zetten (inz. om te doen groeien): bloemen in den tuin planten; aardappelen planten, poten; — (fig.) ergens plaatsen met het doel dat het er lang zal blijven: het geschut op den wal planten; den standaard planten; — de vaan des oproers planten, het oproer beginnen. PLANTING, v. (-...

Lees verder
1898
2022-08-13
J.V. Hendriks

Handwoordenboek van Nederlansche Synoniemen 1898

Planten

zie Aanplanten.