Synoniemen van mok

2019-11-23

mok

drinkbeker met één oor

2019-11-23

Mok

een haal uit de - geven de les lezen; eens stevig onder handen nemen. Deze slanguitdr. is populair onder soldaten en zeelui.

2019-11-23

mok

mok - Zelfstandignaamwoord 1. een (stenen) drinkbeker, meestal voorzien van een oor 2. (veeartsenij) een verzamelnaam voor verschillende vormen van huidirritaties en -ontstekingen aan de onderbenen van een paard, voornamelijk in de kootholte mok - Werkwoord 1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van mokken ♢ Ik mok 2. gebiedende wijs van mokken mok! 3. (bij inversie) tweede persoo...

2019-11-23

mok

mok - zelfstandig naamwoord 1. drinkbeker met een oor ♢wij drinken de koffie altijd uit een mok Zelfstandig naamwoord: mok de mok de mokken het mokje

2019-11-23

Mok

Mok - een huiduitslag aan de achtervlakte van de onderbeenen van het paard, voornamelijk in de kootholte. Naar gelang van den aard der ontsteking in de huid, welke daarvan de oorzaak is, zijn de verschijnselen verschillend. Vooral in het begin is het dikwijls een vochtige huiduitslag; later vormen zich soms diepe 'kloven en als de mok heel verouderd is, kan hij zich op het heele onderbeen uitbreiden en aanleiding geven tot de ontwikkeling van wratachtige woekeringen. De behandeling kan verschill...

2019-11-23

mok

mok - Drinkgerei, vaak cilindrisch van vorm, met een vlakke bodem, met één handvat en soms met een deksel.

2019-11-23

mok

beker. Een mokkie bruin, een kop koffie.

2019-11-23

mok

mok - m., (argot) beker, kop.