Wat is de betekenis van Heks?

2020
2021-01-16
Redactie Ensie

Schrijver op Ensie

Heks

Een heks is in het volksgeloof een vrouw die begiftigd is met demonische krachten die meestal schade veroorzaken. Ook kan zij via rituelen magische krachten oproepen. Men stelde zich de heks vaak lelijk voor, maar ook mooie vrouwen werden als heks verdacht. De plaatselijke bevolking wilde de heks het liefst ver van zich afhouden. Men dichtte haar a...

Lees verder
2019
2021-01-16
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

heks

heks - Zelfstandignaamwoord 1. een persoon, meestal een vrouw, aan wie bovennatuurlijke krachten worden toegeschreven In de middeleeuwen werd er in heksen geloofd. 2. valse tovenares in sprookjes en mythen de boze heks sloot Hans op in het hok van het pan...

Lees verder
2018
2021-01-16
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

heks

heks - zelfstandig naamwoord 1. felle, kwaadaardige vrouw ♢ zij is net de heks uit het sprookje van Hans en Grietje Zelfstandig naamwoord: heks de heks de heksen het heksje...

Lees verder
2007
2021-01-16
Scheldwoordenboek

Geschreven door Marc de Coster © 2007

heks

kwaadaardige en/of lelijke (maar niet noodzakelijk oude) vrouw. In het volksgeloof is de heks een vrouw die een verbond met de duivel heeft aangegaan en aan zwarte magie doet. In sprookjes zijn heksen doorgaans ‘boos’, ‘slecht’ en ‘zo lelijk als de nacht’. Een der eerste vrouwelijke Nederlandse journalisten, Henr...

Lees verder
1991
2021-01-16
Lesbotaal Lexicon (1991)

Lesbiaans : lexicon van de lesbotaal (1991). Geschreven door Kunst, Hanneke, en Xandra Schutte.

Heks

Heks - geuzennaam voor lesbisch-feministe, bijvoorbeeld in de leuze Pas op, de heksen zijn terug die veel gebruikt werd in de jaren zeventig. Ik trof], een keer aan op een rots aan zee, droevig starend naar een groep ‘heksen’ die in het water rituele zangen zongen. (Opzij, 1988 nr.i). In de jaren zeventig vierden feministen op 19 mei de...

Lees verder
1990
2021-01-16
Art & Architecture Thesaurus

Art & Architecture Thesaurus

heks

heks - Zij die zich bezighouden met het bestuderen en toepassen van bovennatuurlijke en natuurlijke machten voor goedaardige of kwaadaardige doeleinden, waarbij zij in variërende mate gebruik maken van magie, paranormale krachten, kruidkunde, waarzeggerij en communicatie met goede of kwade geesten.

1973
2021-01-16
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

heks

[afleiding onbekend], v. (-en), (volksgeloof) een vrouw die met toverij omgaat, die in staat is (met behulp van de duivel) anderen schade te berokkenen (e): die vrouw is een men moet een lege eierschaal breken, anders varen de heksen erop naar Engeland; het geloof aan heksen is de wereld nog niet uit; dat is heet, zei de —, en zij werd verbra...

Lees verder
1958
2021-01-16
Encyclopedie van Friesland

Encyclopedie van Friesland (1958) onder redactie van Prof. Dr. J.H. Brouwer

HEKS

Het woord H. is in het Fr. niet onbekend (hekse, hekserij), maar tsjoenster is de algemene aanduiding voor doorgaans oude vrouwen, over wie men zei dat ze, door een verbond met de duivel, mens en dier kwaad konden doen. Vroeger kende haast elk Fr. dorp een of meer H.en en nog voor enkele jaren bleek in de Wouden het geloof daaraan niet uitgestorven...

Lees verder
1950
2021-01-16
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Heks

v. (-en), vrouw die met toverij omgaat, die in staat is (met behulp van de duivel) anderen onheil te berokkenen : die vrouw is een heks; men moet een ledige eierschaal breken, anders varen de heksen er op naar Engeland; het geloof aan heksen is de wereld nog niet uit; dat is heet, zei de heks, en zij werd verbrand; &mdas...

Lees verder
1949
2021-01-16
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Heks

gemeente in België, prov. Limburg. 476 ha, 490 inw. Landbouw. Kasteel.

Lees verder
1898
2021-01-16
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Heks

HEKS, v. (-en), eene vrouw die met tooverij omgaat, die in staat is anderen onheil te berokkenen die vrouw is eene heks; men moet eene ledige eierschaal breken, anders varen de heksen er op naar Engeland; het geloof aan heksen is de wereld nog niet uit; dat is heet, zei de heks, en zij werd verbrand; (ook) scheldwoord voor een oud wijf: zoo’n oude...

Lees verder