Wat is de betekenis van des?

2023
2023-02-06
WhatsApp woordenboek

redactie Ensie

DES

Data Encryption Standard

2022
2023-02-06
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster

des

(1931) (inf.) drukte, poeha: 'maak niet zo'n des!' • Niks geen school meer voor mijn. Bah, opgeslote zitte tussche vier mure en uitgeraasd worde. Dankie lekker. A-B-C... één en één is twee... pats!!!... 'n draai om je kop... zit stil... tweemaal twee is vier... schooier, wat doe je hier?...

Lees verder
2019
2023-02-06
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

des

des - Bijwoord 1. hoe     ♢ Des te meer hij at, des te dikker hij werd. des - Lidwoord 1. genitief van de (m enkelvoud)     ♢ De smaak des honings is zeer zoet. 2. genitief van het (n enkelvoud)     ♢ De vrouw...

Lees verder
2018
2023-02-06
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

des

des - lidwoord 1. van de ♢ wie is de heer des huizes? 1. des te beter, erger, etc. [zoveel beter, erger, etc.] Lidwoord: des

Lees verder
2001
2023-02-06
Internet woordenboek

Uitgave 2001 [draft]

DES

- Data Encryption Standard Encryptiemethode, bedoeld voor beveiliging bij gegevenstransmissie en gegevensopslag. DES maakt gebruik van een openbaar algoritme en een geheime sleutel (private key). Zie ook: PGP, RSA.

Lees verder
1993
2023-02-06
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Des

verlaagde toon (muz.)

1972
2023-02-06
OHS1

Oosthoek Encyclopedie supplement

Des

afk. van: → diëthylstilb(o)estrol.

1962
2023-02-06
Muziek Encyclopedie

Geschreven door S. van Ameringen (1962)

Des

d mol, zie kwintencirkel.

1955
2023-02-06
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Des

verlaagde d in de muziek

1952
2023-02-06
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Des

adv.;te, nammersto, namsto, safollesto.

1951
2023-02-06
Duits woordenboek (DU-NL) 1951

Dr. H. W. J. Kroes

Des

1. (genitief van der of das), des, van de(n), van het; wes das Herz voll ist, des läuft der Mund über, waarvan het hart vol is, daarvan loopt de mond over; der Tag des Herrn, de dag des Heren, Zondag. 2. Des, des.

Lees verder
1948
2023-02-06
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

des

v. verlaagde d.

1937
2023-02-06
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

des

bw. (dus, daarom); vero. of in zegsw.: - te erger, te beter; - te meer, te minder.

1933
2023-02-06
Iedereen

Encyclopedie voor Iedereen

Des

i/d muziek: de m/e halven toon verlaagde noot D.

1930
2023-02-06
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

des

I. bw. 1. Ver oud. daarom, daarover: verheug ik mij. 2. zoveel: te beter, te erger, te meer, te minder. II. vrvgs. [Lat.] ➝ de. III. v. (-sen) Muz. d of re mol.

Lees verder
1916
2023-02-06
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Des

Des - (muziek), de toon, die aangeduid wordt door de noot D. met eene mol (♭) er voor; het is niet juist te spreken van een verlaagde D.

1914
2023-02-06
De vreemde woorden

De vreemde woorden, verklarend woordenboek door Fokko Bos.

des

des, - verlaagde d in de muziek .

1898
2023-02-06
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Des

Het begrip des heeft 3 verschillende betekenissen: 1. des - DES, (muz.) een halven toon lager dan d. 2. des - DES, verbogen lidw. van bepaaldheid; des vaders, (van den vader); de zoon des huizes; des avonds, des morgens (’s avonds, ’s morgens) bijw. uitdr. van tijd hij verdient twintig gulden maands, per maand. 3. des - DES, (veroud.)...

Lees verder
1864
2023-02-06
Nieuw woordenboek der Nederlandsche taal

I.M. Calisch (1864)

Des

Des, verbogen bep. lw. - vaders (van den vader); de zoon - huizes. * -, vz. gedurende; in de, -avonds, -morgens ('s avonds, 's morgens); hij verdient twintig gulden 's maands. *-, vw. dus, derhalve; hij veracht mij, - kan ik niet met hem omgaan; - te (zoo veel te) erger.