Wat is de betekenis van afloop?

2019
2021-07-27
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

afloop

afloop - Zelfstandignaamwoord 1. einde Gelukkig had het verhaal een goede afloop. 2. resultaat, uitkomst De gunstige afloop van de cursus leidde tot het behalen van het diploma. 3. ontknoping Vroeger was er altijd ee...

Lees verder
2018
2021-07-27
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

afloop

afloop - zelfstandig naamwoord uitspraak: af-loop 1. het ten einde lopen van een bepaalde periode ♢ na afloop van de feestelijkheden moest er opgeruimd worden 1. na afloop van [daarna] ...

Lees verder
1990
2021-07-27
Art & Architecture Thesaurus

Art & Architecture Thesaurus

afloop

afloop - Concave golflijnen in zuilen, waar de schacht ontspringt uit het basement of uitloopt in het kapiteel. Ook uithollingen of scheppende holen onder de echinus van sommige vroeg-Dorische kapitelen.

1952
2021-07-27
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Afloop

s., ôfrin; na —, efternei; (flauwe helling), ôfdracht, deldracht.

1950
2021-07-27
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Afloop

m., I. abstr., g. mv., de daad of handeling van aflopen in de meeste betekenissen; — 1. het water op de weg heeft geen voldoende afloop, zodat het er steeds modderig is, kan niet wegstromen; 2. de afloop van rivieren, beken, het afwaarts stromen; 3. het verlopen of ten einde lopen van een tijdruimte, het einde of laatste ged...

Lees verder
1933
2021-07-27
Iedereen

Encyclopedie voor Iedereen

Afloop

overgang v/h → kapiteel n/d schacht eener zuil; tegenover → aanloop.

1898
2021-07-27
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Afloop

AFLOOP, m. de daad of handeling van afloopen in de meeste beteekenissen; — het water op den weg heeft geen voldoenden afloop, zoodat het er steeds modderig is, kan niet wegstroomen; — de afloop van rivieren, beken, het afwaarts stroomen; — de afloop der eeuw, van den herfst, zijner dagen, het ten einde loopen van eene tijdruimte...

Lees verder
1898
2021-07-27
J.V. Hendriks

Handwoordenboek van Nederlansche Synoniemen 1898

Afloop

zie Besluit.