Zwolle betekenis & definitie

In de Middeleeuwen was Zwolle een van de machtigste steden van de Hanze, het eerste handelsverbond in West-Europa (zie: Deventer). In 1980 nam Zwolle het initiatief om de Hanze na ruim drie eeuwen nieuw leven in te blazen. Sindsdien worden elk jaar in een andere stad de Hanzefeesten georganiseerd.

In Zwolle getuigen schitterende monumenten in de oude binnenstad dat de Hanze de Blauwvingers geen windeieren legde. De Zwollenaren danken die kleurrijke bijnaam overigens aan een conflict met Kampen. De Kampenaren waren zo jaloers op een klokkenspel dat zijn welluidende klanken over Zwolle strooide, dat zij het wilden kopen. Na langdurig onderhandelen toonde Zwolle zich bereid het prachtcarillon te verkopen. Maar toen het eenmaal in Kampen hing, bleek het zo vals als een zeemeeuw met astma. Uit woede betaalden de Kampenaren de koopsom in stuivers. De Zwollenaren telden hun vingers blauw.

In de tijd dat aanvallers nog maar wat aanklungelden met primitieve geweren, verscholen verdedigers zich het liefst achter zéér hoge kasteelmuren, stadspoorten en andere verdedigingswerken. Hoe hoger, hoe veiliger. Van bovenaf konden de verdedigers de vijand immers gemakkelijk beschieten met pijl en boog of met kokende olie een warm welkom en een afschrikwekkende fondue bereiden. Zelf bleven ze buiten schot.

Maar toen in de 15de eeuw de vuurkracht van kanonnen toenam, ontwikkelden de vestingbouwers een nieuwe visie. Geschut moest juist zo laag mogelijk en achter dikke muren worden opgesteld. Dat verkleinde de kans dat de vijand de stelling in puin schoot. Uiteindelijk boden zelfs dikke stenen pantsers geen bescherming meer en werden stadspoorten en kasteelmuren overbodig. De torenhoge Sassenpoort, gebouwd aan het einde van de 14de en gereedgekomen aan het begin van de 15de eeuw, markeert de overgang tussen die verschillende periodes in de krijgsgeschiedenis. Reden om het fraaie bolwerk op te nemen in de Monumenten Top 100.

Het natuurthemapark Ecodrome laat bezoekers kennismaken met de ontwikkeling van onze planeet, natuurhistorie, geologie, de samenhang in de natuur en de leefomgeving van mens, dier en plant. Dat klinkt allemaal heel serieus, maar die visite bij Moeder Aarde is juist heel (ont)spannend en speels. Er zijn bijzondere speelattracties, thematuinen, een energieplein waar bezoekers zelf energie kunnen opwekken om apparaten in werking te stellen, een subtropische plantenkas, een tropisch aquarium en presentaties over water, vogels, ijstijden en dinosauriërs en andere oerdieren.

Het Ecodrome bezit het enige levensechte model van een oervogel. Het is een wereldprimeur. Omdat er maar weinig fossielen van vogels worden gevonden, zijn modellen ervan uiterst zeldzaam. Het fossiel van de Confuciusornis sanctus, dat model stond voor de Zwolse replica, dook op in China. De vogelsoort is zo groot als een gaai en stierf 65 miljoen jaar geleden uit, tegelijk met de dinosauriërs.

I

n de tropische hal van het Ecodrome staat het grootste tropische zoetwateraquarium van Nederland. De bak meet 10 bij 5 bij 2 meter en heeft dus een inhoud van 100.000 liter. Het mega-aquarium is ingericht als een oerwoudriviertje. Een weelderige begroeiing, tropische dieren en insecten, kronkelpaadjes en eilandjes zorgen voor een passend decor. Het is een natuurgetrouwe weergave van een stukje stroomgebied van de Rio Negro. Uit dit deel van Zuid-Amerika komen veel van de aquariumvissen die in Nederland te koop zijn.

Het geheel vormt de grootste tropische zoetwaterbiotoop in Europa. In de hal kunnen bezoekers zich niet alleen verwonderen over de complexe onderwaterwereld, maar komen zij ook veel te weten over de opbouw en de waarde van het Zuid-Amerikaans regenwoud. Bovendien geeft de educatieve attractie informatie over de boeiende wereld van het houden van een aquarium. Om alles duidelijk te maken zijn filters en andere technische onderdelen achter een glazen wand opgesteld.

Het Ecodrome bezit het grootste gewei ter wereld. Het zeventig kilo zware gevaarte sierde ooit de kop van een prehistorisch reuzenhert. Bezoekers kunnen proefondervindelijk vaststellen hoe het voelt om met zo'n loodzware last op je hoofd rond te lopen. Adres: Willemsvaart 19.

In de meeste musea draait het toch vooral om schoonheid. Het enige Afvalmuseum in ons land is wat dat betreft een buitenbeentje. Hier is geen sprake van schoonheid, maar van vuilnis en andere resten van de wegwerpmaatschappij. Het gaat ook in op afvalinzameling, -transport, -scheiding, -verwerking en -recycling. Adres: Assendorperstraat 357.

Voor liefhebbers van motoren is het Harley-Davidson & Indian Museum een stukje hemel op aarde, met motorgeronk als bazuingeschal. Er staan 120 perfect gerestaureerde motorfietsen geparkeerd in een passende omgeving. Het is de grootste collectie Harley-Davidsons in Europa. Maar behalve de Rolls Royce onder de motoren toont het museum ook paradepaardjes van de merken Indian, Excelsior en Henderson. De motorfietsen zijn gebouwd tussen 1914 en de jaren tachtig van de 20ste eeuw. Topstukken zijn bijvoorbeeld drie Harley-Davidsons uit het privé-bezit van de vroegere sjah van Perzië. Boeiend zijn ook de Harleys die in de Eerste Wereldoorlog in de strijd werden geworpen en een kwart eeuw later ook nog eens de Tweede Wereld ongeschonden overleefden. Adres: Oude Almeloseweg 2-4.

In de onmiddellijke omgeving van de elf spoorwegstations op de lijn Emmen-Zwolle staan tientallen kunstwerken. Samen vormen ze het langste openluchtmuseum van Nederland: de Kunstlijn. Het is een museum zonder muren, met het landschap als expositiezaal en de trein als verbindende schakel. Sinds 1987 worden er elk jaar nieuwe kunstwerken aan het steeds langer wordende parelcollier geregen. Vanaf de stations leiden speciale wandel- en fietsroutes langs de vele tientallen beelden. Ze zijn te bewonderen in combinatie met vele landgoederen, oude en jonge monumenten, pittoreske stads- en dorpsgezichten langs de Overijsselse Vecht en archeologische velden.