Burgh-haamstede betekenis & definitie

Een springvloed die samenviel met een orkaanachtige noordwesterstorm - een verwoestende combinatie die volgens de kansberekeningen maar één keer in de 45.000 jaar voorkomt - leidde in februari 1953 tot de grootste watersnoodramp uit de moderne geschiedenis van Nederland.

Daarbij verdronken 1835 mensen, werden 47.000 gebouwen verzwolgen, raakte 187 kilometer dijk zwaar beschadigd, moesten meer dan 70.000 personen evacueren en ging 200.000 hectare polderland kopje-onder in zout water. De totale schade bedroeg 895 miljoen gulden. De ontroerende lijst van alle slachtoffers staat als een virtueel eerbetoon op internet.

'Dit nooit meer!' riepen de Nederlanders in koor. En ze voegden de daad bij het woord door al vrij spoedig na de catastrofe te beginnen met de uitvoering van het Deltaplan, het grootste waterbouwkundige project uit de geschiedenis.

Talloze dammen werden gebouwd om de kustlijn 700 kilometer te verkorten. Ook werden vele honderden kilometers zee- en rivierdijk versterkt en verhoogd, aan zee zelfs tot maximaal twaalf meter boven NAP. Het plan was om uiteindelijk alleen de Westerschelde en de Nieuwe Waterweg, de aorta's van de havens van Antwerpen en Rotterdam, open te houden. Maar naarmate de werkzaamheden vorderden keerde het tij. Het plan voor het afsluiten van de Oosterschelde met een dam leidde tot protesten van natuur- en milieubeschermers. Zij vreesden een ernstige aantasting van een van de belangrijkste natuurgebieden van West-Europa.

De regering ging overstag en Rijkswaterstaat bedacht een oplossing die zijn weerga in de wereld van de waterbouw niet kent: de Oosterscheldedam, een stormvloedkering met beweegbare kleppen, die alleen bij storm worden afgesloten. Als de kust veilig is kan de zee vrijelijk in- en uitstromen.

De Stormvloedkering Oosterschelde werd gebouwd tussen 1967 en 1986 en is het grootste, ingewikkeldste en duurste onderdeel van de Deltawerken.

Waterbouwkundigen spreken trots van het 'Achtste Wereldwonder'. Misschien is dat wat overdreven, maar uniek en imponerend is het wel. De stormvloedkering bestaat uit 65 pijlers van meer dan vijftig meter hoog, met daartussen beweegbare schuiven. Eroverheen loopt een autoweg. Voor de bouw werden speciale schepen ontwikkeld, die de bodem verstevigden, funderingsmatten uitrolden en de kathedraalgrote pijlers op hun plaats takelden.

De torenhoge pijlers werden gebouwd in een droogdok op werkeiland Neeltje Jans en vervolgens met een hefschip naar de stormvloedkering gevaren om op de millimeter nauwkeurig op de zeebodem te worden geplaatst. Voor alle zekerheid werd ook een reservepijler gebouwd (nummer 66). Maar die hoefde niet te worden gebruikt en doet nu dienst als klimwand. De kolos staat pal naast Waterland Neeltje Jans op het voormalige werkeiland.

De grootste toeristische attractie van Zeeland geeft informatie over de watersnood, getijstromen, bodemstructuur en de aanleg van de Zeeuwse dammen en dijken, in het bijzonder natuurlijk de stormvloedkering. Spectaculair is de reusachtige maquette die duidelijk maakt wat de catastrofale gevolgen zijn als in Zuidwest-Nederland de dijken opnieuw zouden bezwijken. Bezoekers kunnen afdalen in het binnenste van een pijler en zien met welke snelheid en kracht het water door de kering stroomt. Voor kinderen is er een waterspeelplaats. Een futuristisch waterpaviljoen, dat de vorm heeft van een aangespoelde walvis, laat de kringloop van het water van dichtbij beleven. Een boottocht over de Oosterschelde is bij een bezoek inbegrepen.

De Deltawerken bestonden uit de bouw van de Stormvloedkering Hollandse IJssel (1954-1958), Zandkreekdam (1957-1960), Veerse Gatdam (1958-1961), Grevelingendam (1958-1965), Volkerakdam (1955-1977), Haringvlietdam (1956-1972), Brouwersdam (1963-1972) en de Stormvloedkering Oosterschelde* (1967-1986). Als gevolg van de bouw van deze stormvloedkering moest de waterhuishouding achter in de Oosterschelde geregeld worden. Dat gebeurt door middel van zogeheten compartimenteringswerken (zie: Tholen).

Enkele andere grote waterstaatkundige werken die tegelijkertijd met de Deltawerken werden uitgevoerd of als vervolg hierop werden en worden aangelegd zijn: Schelde-Rijnverbinding (1967-1976), de Zeelandbrug, 1963-1965 (zie: Colijnsplaat), de Maeslantkering, 1989-1997 (zie: Hoek van Holland, ZH) en de Westerscheldetunnel, 1997-2003 (zie: Terneuzen).

De Brandaris* op Terschelling is de oudste en bekendste vuurtoren van Nederland (1594). Maar toen de Nederlandsche Bank besloot een vuurtoren af te beelden op het bankbiljet van 250 gulden, viel de keuze niet op deze beroemde, maar op de vuurtoren van Burgh-Haamstede.