teken betekenis & definitie

teken - Zelfstandignaamwoord
1. (semiotiek) symbool, signaal, aanduiding
tab tab1">♢ Dat prachtige wegennet is een teken van aanzienlijke welvaart.
2. een afgesproken gebaar
Eindelijk kreeg hij het teken om van start te gaan.
3. (taalkunde), (muziek), (wiskunde) de genormeerde figuren van het alfabet, muziekschrift, cijfers, operatoren enz.
Een karakterset met allerlei tekens.

teken - Zelfstandignaamwoord
1. meervoud van het zelfstandig naamwoord teek

teken - Werkwoord
1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van tekenen
♢ Ik teken
2. gebiedende wijs van tekenen
teken!
3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van tekenen
teken je?

Woordherkomst
<Middelnederlands teiken, #Middelnederlands|teken< Oudernederlands teikin, teican

Synoniemen
[1] aanwijzing, kenmerk, zinnebeeld
[2] signaal, sein
[3] karakter, symbool