jurist betekenis & definitie

jurist - Zelfstandignaamwoord
1. (beroep), (juridisch) een deskundige op het gebied van rechtsleer

Woordherkomst
afgeleid van Latijnse 'ius' (recht) met het achtervoegsel -ist

Synoniemen
rechtsgeleerde

Verwante begrippen
advocaat, juridisch adviseur, appel, bodemprocedure, cassatie, eis, interpretatie, jurisprudentie, landsadvocaat, procedure, recht, rechter, rechtspraak, wet, wetstekst

Laatst bijgewerkt 04-12-2017