Index Librorum Prohibitorum betekenis & definitie

De Index Librorum Prohibitorum of de Index van Verboden Boeken was een lijst van boeken die volgens de rooms katholieke Kerk niet mochten worden gelezen door haar gelovigen omdat ze in strijd waren met de juiste geloofsleer, en dus ketters waren, of immorele zaken bevatten.

De eerste lijsten van verboden boeken bestonden reeds in de Nederlanden (1529), Venetië (1543), Frankrijk (1551) en Engeland (1557). De officiële Romeinse lijst werd op vraag van paus Paulus iv vanaf 1559 opgesteld door de Heilige Congregatie van de Inquisitie en vanaf 1571 door de Heilige Congregatie van de Index. De Congregatie bepaalde welke werken ketters waren en op de lijst moesten worden geplaatst, gaf deze Index door aan de lokale inquisiteurs die ze overmaakten aan de plaatselijke drukkers, uitgevers en boekverkopers.
Dat een dergelijke lijst voor het eerst werd opgesteld in de zestiende eeuw heeft te maken met de opkomst van de boekdrukkunst waardoor de verspreiding van boeken sneller en massaler gebeurde dan voordien. Op de eerste lijsten verschenen titels van 583 auteurs, al zaten er ook dezelfde personen bij door het gebruik van pseudoniemen. Het betroffen werken van Epicurus, Maimonides, Johan­ nes Hus, Desiderius Erasmus, Niccolo Machiavelli, François Rabelais, Nico­ laus Copernicus, Maarten Luther, Johannes Calvijn en Huldrych Zwingli. Later werd de lijst aangevuld met werken van onder meer Hugo Grotius, Francis Bacon, John Locke, Giordano Bruno, Galileo Galilei, Daniel Defoe, René Descartes, Benedictus de Spinoza, Voltaire, Denis Diderot, David Hume, Helvétius, Gustave Flaubert, Thomas Hobbes, Immanuel Kant, Blaise Pascal, Jean­Jacques Rousseau, Jeremy Bentham, Cesare Beccaria, John Stuart Mill, Honoré de Balzac, Heinrich Heine, Giacomo Casanova, Emile Zola, Ernest Renan, Anatole France en Maurice Maeterlinck.

Laatst bijgewerkt 15-02-2017