Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

2017-11-14

panorama

betekenis & definitie

panorama - zelfstandig naamwoord
uitspraak: pa-no-ra-ma

1. uitzicht in de verte
♢ vanaf de top van de heuvel zagen we een prachtig panorama

Zelfstandig naamwoord: pa-no-ra-ma
het panorama
de panorama's
het panoramaatje

Synoniemen
vergezicht