Terrorisme betekenis & definitie

Terrorisme is met geweld doelen bereiken middels publiek spektakel. Ultiem is de suïcide aanval in de openbare ruimte waarbij omstanders worden gedood.

Terrorisme kent een opdrachtgever, dader en maatschappelijke omgeving. Terroristen met hun ideologie, dader met de vaak willekeurige slachtoffers en de disproportionele invloed van publieke media.

Door met geweld doelbewust publieke angst te zaaien trekken terroristen aandacht voor hun politieke boodschap (Rote Armee). Zelfopoffering om anderen te doden vraagt brain washing van de dader (kamikaze). Indoctrinatie en cognitieve dissonantie zorgen voor ideologisch, eventueel religieus geweld. Daarin past de afscheidsvideo en 'maagden die straks klaar staan' (Palestijnse zelfmoordterroristen). Smartphone videobeelden gaan viraal, steken aan en rekruteren. Ultieme levende bommen werken als geloofwaardigheid verhogend middel onder het motto van 'de beweging moet gelijk hebben want anders zou deze martelaar dit niet doen'(IS, Arabische Lente).

Zonder publieke aandacht geen aanslagen van terroristen. Breivik was geen eenzame wolf en koos zijn theater doordacht. Zijn 1500 pagina's waren goed leesbaar en zijn visie op islam werd gedeeld. Vliegtuigen gevuld met kerosine (9-11) en vrachtauto's met glasflessen (Nice) getuigen van smart power waarbij de Internet verspreiding van horror meer angst oproept dan het exacte aantal doden.

Terroristen - een minderheid noemt hen vrijheidsstrijders - vormen hiërarchisch geordende gemeenschappen vol opgelegde gewoonten. De gewelddadige aanslag op zich verloopt aan beide kanten volgens een vast patroon. Enerzijds de dader vooraf tot levend martelaar gemaakt, de video met laatste wilsverklaring, de dood als bevrijding, de internationale aandacht etc. Anderzijds de rituelen van de ramp met afzetting, nieuwsbulletins, medeleven etc. Zich verdiepen in beide culturen is nodig om het dodelijke geweld van terrorisme te verminderen. Terrorisme zelf is van alle tijden.