zwangerschap betekenis & definitie

De tijd vanaf de bevruchting van een eicel in de vrouw tot aan de bevalling.

Het kind wordt geboren aan het einde van de bevalling, bij de geboorte. De verloskundige (‘vlos’, vroedvrouw) of de gynaecoloog (vrouwenarts) helpt bij de bevalling (verlossing). De zwangerschap duurt vanaf de laatste menstruatie (ongesteldheid; in België: maandstonden/regels) negen maanden (ongeveer 40 weken).

Waaraan merkt een vrouw dat ze zwanger is geworden? Ze wordt niet meer ongesteld, is soms ’s ochtends misselijk, haar borsten worden dikker en ze kan zin krijgen in het eten van dingen die ze anders nooit zou eten. In de vierde maand begint de buik dikker te worden door de groei van het kind en de baarmoeder. Vanaf de vijfde maand kan de verloskundige of gynaecoloog het hart horen kloppen. De vrouw voelt dan zelf de bewegingen van het kind in de buik.

Kijk ook bij baarmoeder, bevalling, geboorte, kunstverlossing, opwekking van de geboorte.