bloeddruk, hoge wat is de betekenis & definitie

Een ongewoon hoge druk in de slagaderen.

Een dokter spreekt pas van ‘hoge bloeddruk’ (hypertensie) als de onderdruk en/of de bovendruk hoger dan normaal is. Als de linkerkamer van je hart zich samentrekt, wordt het bloed uit die ruimte in je hart de aorta in gepompt. Dan komt op die dikke lichaamsslagader eventjes een hoge druk te staan. Daarna ontspant het hart zich. Er komt dan weer even geen nieuw bloed in de aorta en de bloeddruk is daardoor laag. Bij elke hartslag gebeurt hetzelfde: afwisselend is de bloeddruk in je slagaderen hoog en dan weer laag. De piek van de hoge bloeddruk is de ‘bovendruk’ en de piek van de lage bloeddruk is de ‘onderdruk’. Bij hoge bloeddruk zijn ze allebei verhoogd. De hoogte van de onderdruk is daarbij voor de dokter belangrijker dan die van de bovendruk.

Hoge bloeddruk is slecht voor je hart en je bloedvaten. Ongeveer een kwart van de Nederlandse bevolking heeft een hoge bloeddruk. Als de bloeddruk lange tijd hoger dan normaal is, kunnen bloedvaten schade oplopen en zelfs kapotscheuren. Iemand kan dan een inwendige bloeding, een hersenbloeding (beroerte) of een ander medisch probleem krijgen. De dokter behandelt hoge bloeddruk zodat de kans op die ziektes kleiner wordt. Er zijn ook andere risicofactoren voor hart- en vaatziektes, zoals roken, overgewicht (te dik zijn), suikerziekte (diabetes) en een hoog cholesterolgehalte in het bloed.

Ook hypertensie. Kijk ook bij bloeddruk, hypotensie.