Wat is de betekenis van ZICHTBAAR?

2019
2020-11-23
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

zichtbaar

zichtbaar - Bijvoeglijk naamwoord 1. waarneembaar voor het oog Woordherkomst afgeleid van zicht met het achtervoegsel -baar. Antoniemen onzichtbaar, niet-zichtbaar Verwante begrippen hoorbaar, kijken, licht, oog, waarneembaar, zien

Lees verder
2018
2020-11-23
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

zichtbaar

zichtbaar - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: zicht-baar 1. wat je kunt zien ♢ de top van de berg is nu zichtbaar 1. hij is zichtbaar gelukkig [je kunt zien dat hij dat is] ...

Lees verder
1973
2020-11-23
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

zichtbaar

bn. en bw. (-der, -st), gezien kunnende worden, waarneembaar: zichtbare gebreken; (handel) zichtbare voorraad, de voorraden van een grondstof die bij de producent, de importeur of onderweg zijn; (theologie) de zichtbare Kerk, de gelovigen op aarde.

1898
2020-11-23
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

ZICHTBAAR

ZICHTBAAR, bn. bw. (-der, -st), gezien kunnende worden, waarneembaar door de oogen : de lucht is niet zichtbaar; zonder licht is niets zichtbaar; de zonsverduistering is in ons land zichtbaar; de infusoriën zijn nauwelijks zichtbaar; (mijnb.) die ader bevat zichtbaar goud; — (fig.) helder, duidelijk, klaar, blijkbaar; een goed zichtbaar...

Lees verder