Wat is de betekenis van Sjoege?

2019
2021-01-28
Ewoud Sanders

Taalhistoricus en journalist.

sjoege

begrip, kennis, verstand Omstreeks 1860 voor het eerst opgenomen in een Bargoense woordenlijst, opgesteld door M. Verwoert, indertijd directeur van een gevangenis te Utrecht, in de verbinding sjoege stieken (stieken is ‘geven’) voor ‘inprenten’. Vervolgens in 1906 opgenomen in De Boeventaal van Köster Henke, als sjoeche...

Lees verder
2019
2021-01-28
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

sjoege

sjoege - Zelfstandignaamwoord 1. (Jiddisch-Hebreeuws) kennis, begrip, benul, verstand Daar heb ik echt geen sjoege van. 2. (Jiddisch-Hebreeuws) reactie, antwoord Ik heb het hem verteld, maar hij gaf geen enkele sjoege. Woordherkomst He...

Lees verder
2018
2021-01-28
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

sjoege

sjoege - zelfstandig naamwoord uitspraak: sjoe-ge 1. wat je zegt of schrijft naar aanleiding van een vraag ♢ ik riep Ivar, maar hij geeft geen sjoege 2. wat je weet doordat je het geleerd hebt ...

Lees verder
1998
2021-01-28
Woordenboek van populaire uitdrukkingen

Marc De Coster ©, 1998

Sjoege

1 geen -geven, geen antwoord geven; niet reageren; zich gedeisd houden. Bargoens. ‘Geen sjoege geven’, sist de andere tussen haar tanden en kijkt star langs ons heen. (Harry Mulisch: Voer voor psychologen, 1968) Geen sjoege geven, dan gaat ie vanzelf wel weg. (Mensje van Keulen: Van lieverlede, 1975) De mensen juichten en zwaaiden als gekken, maa...

Lees verder
1949
2021-01-28
Boevenjargon

Geschreven door Professor Henry Roskam

sjoege

gek.