Wat is de betekenis van Sjoege?

2024-05-20
Prisma Groot Woordenboek Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2024)

2024-05-20
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

sjoege

sjoege - Zelfstandignaamwoord 1. (Jiddisch-Hebreeuws) kennis, begrip, benul, verstand Daar heb ik echt geen sjoege van. 2. (Jiddisch-Hebreeuws) reactie, antwoord Ik heb het hem verteld, maar hij gaf geen enkele sjoege. Woordherkomst He...

2024-05-20
Ewoud Sanders woordenboeken

Ewoud Sanders (2019)

sjoege

begrip, kennis, verstand Omstreeks 1860 voor het eerst opgenomen in een Bargoense woordenlijst, opgesteld door M. Verwoert, indertijd directeur van een gevangenis te Utrecht, in de verbinding sjoege stieken (stieken is ‘geven’) voor ‘inprenten’. Vervolgens in 1906 opgenomen in De Boeventaal van Köster Henke, als sjoeche...

2024-05-20
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

sjoege

sjoege - zelfstandig naamwoord uitspraak: sjoe-ge 1. wat je zegt of schrijft naar aanleiding van een vraag ♢ ik riep Ivar, maar hij geeft geen sjoege 2. wat je weet doordat je het geleerd hebt ...

2024-05-20
Woordenboek van populaire uitdrukkingen

Marc de Coster (1998)

Sjoege

1 geen -geven, geen antwoord geven; niet reageren; zich gedeisd houden. Bargoens. ‘Geen sjoege geven’, sist de andere tussen haar tanden en kijkt star langs ons heen. (Harry Mulisch: Voer voor psychologen, 1968) Geen sjoege geven, dan gaat ie vanzelf wel weg. (Mensje van Keulen: Van lieverlede, 1975) De mensen juichten en zwaaiden als gekken, maa...

2024-05-20
Woordenboekje Nederlandse Jiddisch

H. Beem (1975)

Sjoege

a. kennis, hij heeft er geen sjoege van; b. antwoord; alleen Nederlandse volkstaal; zie sjoewe.

2024-05-20
Boevenjargon

Professor Henry Roskam (1949)

sjoege

gek.

2024-05-20
Etymologisch Woordenboek

Amsterdam University Press

Wil je toegang tot alle 9 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2024-05-20
Prisma Woordenboek Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2024)