Wat is de betekenis van SINGEL?

2026-09-08
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Singel

m. (-s), 1....

2026-09-08
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

singel

singel - zelfstandig naamwoord uitspraak: sin-gel 1. gracht...

2026-09-08
Brabants Handwoordenboek

Prof. dr. Jos Swanenberg (2015)

singel

(zn) buikband (paardentuig) LC.

2026-09-08
Mokums woordenboek

Ditte Simons en Hans Heestermans (2014)

Singel

het Singel, anders dan in andere steden is singel onzijdig:...

2026-09-08
XYZ van Amsterdam

J. Kruizinga, Gerrit Vermeer (2002)

Singel

Singel - In het Nederlands is het de Singel, in het...

2026-09-08
Woordenboek vreemde woorden

A. Kolsteren en Ewoud Sanders (1994)

Singel

[Lat. cingulum = gordel, van cingere - gorden] 1 stadsgracht...

2026-09-08
Surinaams woordenboek

J. van Donselaar (1936)

singel

(de, -s), rechthoekig plankje, dienst doende als...

2026-09-08
Zuid-afrikaans woordenboek

H.J. Terblanche - M.A., D. Litt

singel

grag om ‘n stad, buitewal om ‘n stadsgrag; pad of straat wat...

2026-09-08
Encyclopedie van Friesland

Prof. Dr. J.H. Brouwer (1958)

SINGEL

Vroeger was er om vele boerderijen een dubbele gracht,...

2026-09-08
Agrarisch Encyclopedie

Veerman (1954)

Singel

1. (bosb.) Smalle strook van één of meer rijen loofhout...

2026-09-08
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Singel

s., singel.

2026-09-08
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

singel

m. singels, singeltje (o.-Fr....

2026-09-08
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

singel

VsingA) m. (~s; -tje) [Lat....

‘SINGEL’ komt ook voor in deze premiumwerken

Bekijk het volledige resultaat via het betreffende premiumwerk.