Wat is de betekenis van Out?

2022
2022-08-19
vindpunt

Vindpunt.nl

out

(bijvoeglijk naamwoord) [alg.] voorbij, passé, geweest, verleden tijd - 'Gitaargroepen zijn pass?', hoorde de impresario van The Beatles na hun auditie bij Decca. [sport] in zwijm, buiten kennis, buiten westen, bewusteloos; uit het spel, uitgespeeld - Na haar buitengewone krachtsinspanning, zakte ze in elkaar en lag een paar s...

Lees verder
2022
2022-08-19
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2022.

out

(1964) (< Eng.) (drugs) bewusteloos; erg onder invloed zijn (van verdovende middelen). Tegenwoordig ook: dronken. • Henri, steunend op Barry en Rick, schoof met hinkende poot naar de deur, toen ze vlak bij de deur waren, greep ik Henri van achteren en gaf hem een vreselijke vuistslag op z’n kop. Maar hij ging niet out, draaide zich om...

Lees verder
2020
2022-08-19
Meertens Instituut

Nederlandse Voornamenbank

Out

Zie Oude

2018
2022-08-19
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

out

out - bijwoord 1. buiten de lijn ♢ die bal was out! 2. niet meer bij bewustzijn ♢ hij ging na die drugs helemaal out 3. uit de mode, niet meer in tel ...

Lees verder
2017
2022-08-19
Junkies en dealers

Jargon & Slang van Junkies en dealers

Out

Out - (Eng.) erg onder invloed zijn.

2009
2022-08-19
Golfsportwoordenboek

Golfsportwoordenboek door Jan Luitzen

out

→ eerste negen

1999
2022-08-19
Woordenboek van Neologismen

Geschreven door Marc de Coster ©

Out

Out - (Eng.), buiten bewustzijn; uitgeteld - dit meestal ten gevolge van drugs- of drankgebruik. Jeugdtaal; sinds de jaren zeventig. Een week of zes geleden ging hij ‘out’ in een Amsterdams tramhokje. Nieuwe Revu, 14-01-98

Lees verder
1993
2022-08-19
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Out

uit de mode; buiten de lijn (sport)

1973
2022-08-19
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

out

[Eng.], bw., (sport) 1. (bij cricket) af; 2. uit het spel, buiten de lijn: de bal is out.

Lees verder
1972
2022-08-19
OHS1

Oosthoek Encyclopedie supplement

Out

bn., voorbij, uit de mode, passé: wat vandaag in is, kan vanavond weer — zijn.

1964
2022-08-19
voornamen

Voornamenboek

Out

m -> Oude (Fri.).

1951
2022-08-19
Engels

Woordenboek Engels (1951)

out

I. uit, (naar) buiten; er op uit, te velde; uitgelopen buiten de oevers getreden; uitgedoofd; op; om; uit de mode; niet meer „aan" (het bewind); niet meer aan slag; in staking; bekend, geopenbaard, publiek; all out, 1. totaal; helemaal de plank mis; 2. met volle kracht, uit alle macht; go all out, zich helemaal geven; alles op alles zett...

Lees verder
1950
2022-08-19
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Out

(Eng.), bw., (sport) uit het spel, buiten de lijn: de bal is out.

1898
2022-08-19
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Out

Out (Eng.), bn. (sport) uit het spel, buiten de lijn: de bal is out.