2019-10-21

negen

(de; -s) - 9 holesbaan

2019-10-21

negen

negen - Hoofdtelwoord 1. (palindroom) het gehele getal tussen acht en tien, in Arabische cijfers 9, in Romeinse cijfers IX negen - Zelfstandignaamwoord 1. het getal 9. negen - Werkwoord 1. meervoud verleden tijd van nijgen ♢Wij negen ♢Jullie negen ♢Zij negen

2019-10-21

negen

negen - zelfstandig naamwoord uitspraak: ne-gen 1. symbool waarmee het getal 9 wordt voorgesteld ♢ als je een negen haalt, betekent dat 'zeer goed' Zelfstandig naamwoord: ne-gen de negen de negens het negentje

2019-10-21

Negen

telw. (hoofdgetal); ’t heeft de waarde van een ranggetaal in : hoofdstuk IX; Karel IX; het is gebeurd in het jaar negen; negen December; — NEGENEN, het telw. NEGEN, beschouwd als een zelfstandig gebruikt bn. in het meerv.: negen personen: een gezelschap van negenen; deelt dit onder u negenen; zij warm met hun negenen; we zijn met zijn (ons) negenen; negen deelen van hetzelfde geheel: iets in negenen breken; negen uren : het is bij negenen, negen achtereenvolgende malen : hij deed het in nege...