Wat is de betekenis van ervaring?

2018
2023-02-06
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

ervaring

ervaring - zelfstandig naamwoord uitspraak: er-va-ring 1. wat je op een bepaalde manier voelt of meemaakt ♢ hij vertelde mij zijn ervaringen 1. ervaring hebben [het eerder gedaan hebben]...

Lees verder
1973
2023-02-06
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

ervaring

v. (-en), 1. het ervaren, het door ondervinding leren: — als bron van kennis; bij -, door het ervaren, ondervonden te hebben; 2. wat men ervaart of ervaren heeft, ondervinding: een onaangename —; 3. geheel van ondervindingen, en vandaar kennis door ondervinding of waarneming verkregen. zie empirisme.

Lees verder
1952
2023-02-06
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Ervaring

s., ûnderfining; uitkennen weten, by (de) ûnderfining hawwe; hij is een man van —, hy is fan ien Maeije sa âld net.

1950
2023-02-06
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Ervaring

v. (-en), 1. het ervaren, het door ondervinding leren: ervaring als bron van kennis; — bij ervaring, door het ervaren, ondervonden te hebben. 2. wat men ervaart of ervaren heeft, ondervinding: een onaangename ervaring; zijn ervaringen mededelen. 3. geheel van ondervindingen, en vand. kennis door ondervinding of waa...

Lees verder
1937
2023-02-06
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

ervaring

v. ervaringen (1 het ervaren; het door ondervinding of waarneming leren; 2 hetgeen men ervaren heeft; 3 geheel van kennis, door ervaring of waarneming verkregen): 1. iets, dat ik bij ervaring ken; 2. mijn persoonlijke ervaring van gisteren was ....; 3. levens ervaring opdoen.

Lees verder
1936
2023-02-06
Drs. P. Wijkema

Encyclopedie voor Ziel- en Opvoedkunde

Ervaring

Zin A praktische kennis van het individu ten opzichte van een bepaalde zaak, gegrond op het herhaald waarnemen of persoonlijk beleven. Zin B perceptie. Zie aldaar.

Lees verder
1933
2023-02-06
Iedereen

Encyclopedie voor Iedereen

Ervaring

empirie, → empirisch.

1933
2023-02-06
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Ervaring

Ervaring - Ervaring is in ruimeren zin elke waarneming of ondervinding, die ons feitenmateriaal aanbrengt voor ons verstandelijk kennen, of ook dit feitenmateriaal zelf. Men onderscheidt dan uiterlijke (physische) en innerlijke (psychologische) ervaring. In engeren zin noemt men ook e. een op waarneming en ondervinding berustend practisch inzicht (...

Lees verder
1930
2023-02-06
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

ervaring

v. (-en) I. Eig. het ervaren: ik weet het bij -. II. Metn. 1. Algm. wat men ervaart: -en vertellen. 2. Inz. geheel van kennis, door de ervaring verkregen: opdoen; veel hebben; dure -, die men, ten koste van veel geld of van veel onaangenaamheden, opgedaan heeft. Syn. ondervinding.

Lees verder
1916
2023-02-06
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Ervaring

Ervaring - Zie EMPIRIE.

1908
2023-02-06
Vivat

Schrijver op Ensie

Ervaring

(Empirie) alle kennis die langs den weg van zintuigelijke, proefondervindelijke waarneming verkregen is.

1898
2023-02-06
J.V. Hendriks

Handwoordenboek van Nederlansche Synoniemen 1898

Ervaring

zie Ondervinding.

1870
2023-02-06
Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Ervaring

Ervaring noemt men zoodanige kennis, welke door juiste, zintuigelijke waarneming verkregen wordt. Inzonderheid geeft men dien naam aan datgene, wat omtrent de natuur op grond van wetenschappelijke waarnemingen of opzettelijk daartoe genomene proeven wordt vastgesteld. Daarom heeft men de natuurkunde met den naam van ervaringsleer bestempeld (zie on...

Lees verder