Wat is de betekenis van dunken?

2019
2021-06-13
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

dunken

dunken - Werkwoord 1. (onpr) (copl) voorkomen (het oordeel zijn van) Dat is, me dunkt, een hele klus. 2. (sport) (basketball) hoog springen om de bal in de basket te leggen Woordherkomst [1] (causatief) van denken. afkomstig van: Middelnederlands: dunken Oudernederlands: *t...

Lees verder
1994
2021-06-13
Vreemde woorden

Woordenboek vreemde woorden

Dunken

met een dunk scoren.

1973
2021-06-13
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

dunken

(mij dunkt, mij docht, dacht of dunkte, mij heeft gedocht of gedunkt), als mening hebben (over iets): wat dunkt u ervan? mij dunkt, dat; evenzo: naar mij dunkt, naar het mij voorkomt; die zaak dunkt mij goed, komt mij goed voor; (gemeenz.) me dunk(t) (het)! het is nogal wat, heeft heel wat te betekenen: ik heb maar twintig gulden gehad; (antw.) nou...

Lees verder
1950
2021-06-13
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Dunken

(mij dunkt, mij docht, dacht of dunkte, mij heeft gedocht of gedunkt), 1. als mening hebben (over iets): wat dunkt u er van? ; mij dunkt, dat (vaak slechts als beleefdheidsvorm); evenzo : naar mij dunkt, naar het mij voorkomt; — die zaak dunkt mij goed, komt mij goed voor; — (gemeenz.) me dunk(t) hitt het is...

Lees verder
1898
2021-06-13
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Dunken

DUNKEN, (mij (4 n.) dunkt, mij dachten docht), eene meening hebben (over iets): wat dunkt u er vani; mij dunkt, dat.... (vaak slechts als beleefdheidsvorm); (evenzoo) naar mij dunkt, naar het mij voorkomt; — die zaak dunkt mij goed, komt mij goed voor; (veroud.) zich laten dunken, gelooven, meenen, zich inbeelden. (Vgl. laatdunkend); zie DENK...

Lees verder