Wat is de betekenis van check?

2022
2022-11-30
vindpunt

Vindpunt.nl

check

(zelfstandig naamwoord) [alg.] controle, inspectie - Bij de controle bleek dat de remmen defect waren. [uitroep] klopt!, ja! - Tentzeil? Klopt! Paspoorten? Ja!

Lees verder
2022
2022-11-30
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2022.

check

(1991) (< Eng.) (jeugd) ja; dat klopt. Ter controle. Meestal bij het afvinken van een lijstje. Kijk ook onder checken* en check me dan. • Check!, klopt! ook: (Hag) check, check, double-check! (Albert Gillissen & Paul Olden: Het eerste Nederlandse Studentenwoordenboek. 1991) • Check: controle. (Marnix en Marjan van Licht...

Lees verder
2019
2022-11-30
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

check

check - Zelfstandignaamwoord 1. een controlerende actie Doe voor de zekerheid nog een check met recente antivirussoftware. check - Werkwoord 1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van checken ♢ Ik check 2. gebiedende wijs van chec...

Lees verder
1985
2022-11-30
Woordenboek automatisering

Henk Biemond - 1985

Check

Controle Een proces, dat dient om de nauwkeurigheid vast te stellen.

1973
2022-11-30
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Check

zie cheque.

1955
2022-11-30
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Check

zie: cheque

1951
2022-11-30
Woordenboek Engels (EN-NL) 1951

Dr. F.P.H. van Wely

Check

I schaak; beteugeling, belemmering, tegenslag; controle; reçu, bonnetje; contramerk, sortie; chèque; Fiche, ruit; checks, geruite stof(fen); keep in check, in toom houden; II schaak geven; beteugelen; tegenhouden, tot staan brengen, stuiten, belemmeren; controleren, ook: check off, aanstippen, aftikken; check up(on), controleren.

Lees verder
1948
2022-11-30
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

check

(Eng.) v. schriftelijke op vertoon betaalbare aanwijzing op een bank, kassiersbriefje.

1937
2022-11-30
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

check

v. checks (Eng. kassiersbriefje; order van betaling); zie cheque.

1933
2022-11-30
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Check

Check - ➝ Chèque.

1930
2022-11-30
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

check

v. (-s) [Eng. to check, kontroleren] papier waardoor iemand aan de post of aan een bank opdracht geeft, uit zijn tegoed bij die bank, een uitbetaling te doen aan de houder van dat papier.

1916
2022-11-30
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Check

Check - Aie CHÈQUE.

1910
2022-11-30
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Check

Check - zie cheque.

1906
2022-11-30
wink

Wink's vreemde woordenboek

Check

vr. Eng. (chèque vr. Fr.), aanwijzing tot betaling voor een kassier, kassiersbriefje.

Lees verder
1898
2022-11-30
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Check

CHECK v. CHEQUE, v. (-s), kassiersbriefje, soort wissel die aan den bezitter op zicht betaalbaar is.

1864
2022-11-30
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

check

check - v. kassiersboekje, aanwijzing op de kas ter betaling