Wat is de betekenis van bevestigen?

2019
2023-02-06
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

bevestigen

bevestigen - Werkwoord 1. (ditr) iemand mededelen dat iets zoals gevraagd is of verondersteld wordt Van zijn moeder konden we het verhaal van deze jongeman bevestigd krijgen. 2. (ov) vastmaken Het uithangbord werd met een metalen beugel aan de voorgevel beves...

Lees verder
2018
2023-02-06
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

bevestigen

bevestigen - regelmatig werkwoord uitspraak: be-ves-ti-gen 1. ergens aan vastmaken ♢ hij bevestigde de kar aan de auto 2. er ja op zeggen, zeggen dat het klopt ♢ hij bevestigde het gerucht dat J...

Lees verder
2009
2023-02-06
Golfsportwoordenboek

Golfsportwoordenboek door Jan Luitzen

bevestigen

(ov ww; bevestigde; h. bevestigd) (NGF-dopingreglement) - na onderzoek van het B-monster op doping bekrachtigen dat in het B-monster dezelfde verboden stof en/of verboden methode is aangetroffen als in het A- monster; indien een stof verboden is bij het overschrijden van een bepaalde hoeveelheid, is voor bevestiging nodig dat ook het B-monster een...

Lees verder
1973
2023-02-06
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Bevestigen

(bevestigde, heeft bevestigd), 1. vastmaken: de delen van de machine zijn met schroeven aan elkaar bevestigd; vaster maken: de uitzondering bevestigt de regel; 2. (een bewering) aannemelijk maken: mijn mening wordt hierdoor bevestigd, door nieuwe bewijsgronden versterkt, als juist aangetoond; zijn verklaring met een eed bekrachtigen; een vonnis het...

Lees verder
1952
2023-02-06
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Bevestigen

v., bifêstigje, bikrêftigje, bisegelje, forwisje.

1950
2023-02-06
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Bevestigen

(bevestigde, heeft bevestigd), 1. vastmaken : de delen der machine zijn met schroeven aan elkaar bevestigd; 2. (hist.) (een plaats) versterken, in staat van verdediging brengen; 3. vaster maken: de uitzondering bevestigt de regel; (een bewering) aannemelijk maken : mijn mening wordt hierdoor bevestigd, door nieuwe bewijsgrond...

Lees verder
1937
2023-02-06
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

bevestigen

bevestigde, h. bevestigd (1 vastmaken; 2 vaster maken inz. fig.): 1. de planken met schroeven bevestigen; 2. de uitzondering bevestigt de regel, versterkt; een mening wordt bevestigd; iets met een eed (of: onder ede) bevestigen, versterken; nog: (Prot.) een predikant bevestigen, plechtig verbinden aan de gemeente, die hem heeft beroepen; nieuwe lid...

Lees verder
1930
2023-02-06
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

bevestigen

(bevestigde, heeft bevestigd) 1. duurzaam vastmaken: planken met schroeven -. Syn. vasthechten, vastmaken. 2. bekrachtigen, maar minder sterk: een verklaring met een eed -. Syn. ➝ bekrachtigen. 3. zeggen dat iets zo is als een ander zegt of onderstelt: wij hierbij de ontvangst van uw schrijven. 4. versterken: iemands positie -; de uitzondering...

Lees verder
1916
2023-02-06
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Bevestigen

Bevestigen (krijgsk.), in de versterkingskunst: het in staat van verdediging brengen van een terreingedeelte.

1911
2023-02-06
pluim

Keur van Nederlansche woordafleidingen

Bevestigen

afl. van vast; dus vast maken; vgl. Amstels veste.

1910
2023-02-06
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Bevestigen

Bevestigen - erkennen, b.v. van een mondelinge afspraak (meestal door een brief) een schriftelijk bewijs geven.

1908
2023-02-06
Vivat

Schrijver op Ensie

Bevestigen

Vastmaken, versterken, bekrachtigen, inwijden.

1898
2023-02-06
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Bevestigen

BEVESTIGEN, (bevestigde, heeft bevestigd), vastmaken de deelen der machine zijn met schroeven aan elkaar bevestigd; — (vest.) (eene plaats) versterken. in staat van verdediging brengen; — (eene bewering) staande houden, voor waar erkennen; zijne verklaring met een eed bevestigen; — vaster maken een troon bevestigen, de positie v...

Lees verder
1898
2023-02-06
J.V. Hendriks

Handwoordenboek van Nederlansche Synoniemen 1898

Bevestigen

zie Bekrachtigen.

1864
2023-02-06
Nieuw woordenboek der Nederlandsche taal

I.M. Calisch (1864)

Bevestigen

Bevestigen, bw. gel. (ik bevestigde, heb bevestigd), bekrachtigen; (vest.) versterken; (kerk.) na de belijdenis -. *-D, bw. en bijw. (taalk.) een - bijwoord; hij antwoordde -. *...VESTIGER, m. (-s). *...VESTIGSTER, v. (-s), bekrachtiger, bekrachtigster; die versterkt. *...VESTIGING, v. (-en), versterking; bekrachtiging; (ook kerk.). *...VIJLEN,...

Lees verder