leren betekenis & definitie

leren - Bijvoeglijk naamwoord
1. van leer vervaardigd

leren - Werkwoord
1. kennis of vaardigheid verwerven
2. kennis of vaardigheid doen verwerven

leren - Zelfstandignaamwoord
1. meervoud van het zelfstandig naamwoord leer

Woordherkomst
afkomstig van:
Middelnederlands: leren
Oudernederlands: l─ôren
Germaans: *laizijanan