Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

Gepubliceerd op 04-12-2017

2017-12-04

internet

betekenis & definitie

internet - Zelfstandignaamwoord
1. (telecommunicatie) een wereldwijd netwerk van computers met een gemeenschappelijk, gestandaardiseerd protocol (het TCP/IP-protocol
Hoe lang zit jij per dag op internet?

internet - Werkwoord
1. enkelvoud tegenwoordige tijd van internetten
2. gebiedenwijs van internetten

Woordherkomst
afgeleid van net met het voorvoegsel inter- (van het Latijnse inter “tussen”)

Verwante begrippen
web, intranet, extranet