fabeltjespater betekenis & definitie

(jeugdtaal, verouderd) nietszeggende kletskous. Jaren zestig.

Fabeltjespater, pater die zó nietszeggend (s) preekt dat men beter Ed en Willem Bever kan laten kletsen. (Rouke G. Broersma, Recht voor z’n raap. Jargonboek voor hippe en andere vogels, 1970)