Morfologie betekenis & definitie

Morfologie betekent letterlijk vormkunde. De term morfologie wordt in de biologie, taalkunde, aardwetenschappen, bodemkunde, vastestof fysica en techniek gebruikt.

In de biologie is morfologie een overkoepelende term voor de leer van de bouw van organismes. Deze term onderscheidt zich van bijvoorbeeld anatomie, omdat morfologie de complete bouw van een organisme bestudeerd en niet een specifiek onderdeel zoals organen, cellen of weefsels. In de taalkunde is morfologie de leer van de woordstructuur en woordvorming. De kleinste eenheden in een woord worden bij morfologie onderzocht. Morfemen spelen een belangrijke rol in de taal omdat een taal hierdoor minder snel verandert.

Morfologie bij aardwetenschappen wordt ook wel geomorfologie genoemd. Geomorfologie is de leer die vormen van het landschap en de gevolgen daarvan bestudeerd. Zowel endogene processen als exogene processen worden in de geomorfologie bestudeerd. In de techniek betekent morfologie het onderzoeken van alle oplossingen voor een complex probleem. Morfologie in de techniek werd als eerste toegepast bij onderzoek op straalmotoren en raketten, maar morfologie kan ook bij een ander onderzoek worden toegepast, zolang het maar een complex probleem is. De kenmerken van een complex probleem zijn: 1) Het heeft meerdere invalshoeken. 2) Verschillende aspecten zijn niet kwantificeerbaar. 3) Er is niet één goede oplossing voor het probleem.

Hoewel de term morfologie in verschillende vakgebieden voorkomt en verschillende betekenissen heeft, is er toch een overeenkomst. In alle vakgebieden betekent morfologie de leer van een onderwerp dat niet compleet is afgebakend.