Geluk betekenis & definitie

Geluk is een emotie en betekent 'tevreden zijn met de huidige leefomstandigheden', ofwel 'gelukkig zijn'. Dit is het tegenovergestelde van ongelukkig, wat bestaat uit een ontevreden gevoel.

Wie gelukkig is heeft een vrolijk, tevreden, ontspannen, verheugd gevoel wat voor de helft erfelijk bepaald is. De andere helft van geluk wordt bepaald door persoonlijke omstandigheden, de invloeden van buitenaf. Omdat geluk voor de helft erfelijk bepaald is kan het dus zijn dat iemand die alles heeft niet gelukkig is, maar iemand die arm en ongezond is wel.
Geluk kan ook van tijdelijke aard zijn, bijvoorbeeld vanwege een nieuwe baan of de aankoop van een nieuw huis. Daar kan degene even heel gelukkig mee zijn, maar het kan voorkomen dat de baan tegenvalt en het geluk dus (na verloop van tijd) afzwakt.
'Geluk hebben' is weer van een andere orde, en komt bijvoorbeeld voor bij een kansspel. Hierbij gaat het erom dat het toeval beter dan gemiddeld beloond, en men dus geluk heeft. Ook dit is doorgaans van tijdelijke aard, omdat het resultaat van een kansspel van toeval afhangt.

Gepubliceerd op 29-09-2010