Psychopathie betekenis & definitie

Psychopathie is een specifieke vorm van de ‘antisociale persoonlijkheidsstoornis’ (ASP). Mensen die aan deze persoonlijkheidsstoornis lijden, kennen nauwelijks het verschil tussen goed en kwaad. Ze gedragen zich buitengewoon impulsief en hebben grote moeite om hun gedrag te beheersen.

Psychopaten staan bekend om hun egocentrische houding. Ze houden weinig tot geen rekening met anderen en hebben enkel oog voor de eigen behoeftebevrediging.
Ondanks het gebrek aan empathie kunnen mensen met psychopathische karaktertrekken toch charmant overkomen. Psychopathische personen zullen echter enkel emotie tonen als dat helpt om de omgeving te manipuleren. Ze kennen geen inlevingsvermogen ten opzichte van anderen en zullen niet of zelden verantwoordelijkheid nemen voor hun gedrag.

Volgens het classificatiesysteem DSM-IV is iemand met psychopathische trekken ongevoelig voor schaamte. Ook ontbreekt het gevoel van berouw. Daardoor kan de patiënt zich maar moeilijk aan de omgeving aanpassen en komt hij of zij niet zelden in conflict met algemeen geldende normen of de wetgeving. Men komt verplichtingen niet na en liegt om bepaalde doelen te bereiken. Iemand die aan psychopathie lijdt, brengt de veiligheid van zichzelf en anderen in gevaar en is relatief vaker verslaafd aan drugs of alcohol.

Bij de ontwikkeling van psychopathie spelen biologische, neurologische en psychologische factoren een rol. In de kinderjaren kunnen er al gedragsproblemen ontstaan zoals liegen, gewelduitingen tegen mens en/of dier of brandstichting. Tijdens de adolescentie komen psychopaten bovendien vaak in aanraking met de politie door jeugdcriminaliteit.

Naar schatting heeft 3 procent van de mannen en 1 procent van de vrouwen psychopathische karaktertrekken. Ongeveer 15-30 procent van mensen die in de gevangenis verblijven, lijdt aan psychopathie.