Peter Timofeeff

Prisma van het Weer

Gepubliceerd op 06-04-2017

2017-04-06

Toendra

betekenis & definitie

Boomloze vlakte rondom de noordpool en in beperkte mate de zuidpool, die 8 … 10 maanden per jaar bevroren is en in de korte zomer verandert in een moerassig gebied. In het noorden wordt het gebied van de arctische toendra's begrensd door sneeuw en ijs; in het zuiden gaat de toendra geleidelijk over in de noordelijke naaldwoudgordel, aangeduid als taiga.

In een toendraklimaat (E-klimaat) is de gemiddelde temperatuur van de warmste maand maximaal 10°C, in de winter is er strenge vorst, en in het algemeen valt er weinig neerslag: maximaal 250 mm per jaar. In de zomer ontdooit alleen de bovenste laag (10-60 cm) van de toendrabodem, daaronder blijft de bodem bevroren (permafrost). Vanwege de kou en de drassigheid bestaat de begroeiing voornamelijk uit laaggroeiende planten. Het meest typerend zijn de mossen en de korstmossen.