Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

Gepubliceerd op 29-06-2020

2020-06-29

eeuw

betekenis & definitie

v./m. (-en),

1. tijdvak van honderd jaren: een — geleden; elk van die tijdvakken van een (m.n. van onze) jaartelling: de 20e —, de tijd van 1 jan. 1901— 31 dec. 2000; de eeuwen, de tijden: in de loop der eeuwen;
2. (als hyperbool) lange tijd: ik heb ze in geen — gezien; als men moet wachten, duurt een uur soms een —, zeer lang;
3. tijdvak, tijdperk, tijd in verband met personen die daarin leven of toestanden die erin heersen met een nadere bep., m.n. een vorstennaam: de — van Augustus; de Gouden Eeuw, (mythologie) de tijd van Saturnus, waarin de mensen volkomen vrij waren, zonder wetten en regeerders; zij behoefden niets te doen en hadden volop te eten; bovendien was het altijd zomer; (bij uitbreiding) tijdvak van bloei en voorspoed in de geschiedenis van een land of een kunst; de verlichte —, de tijd van de Verlichting; de ijzeren —, tijdperk van ruwe kracht en geweld; de — van het kind, 20e eeuw, waarin men zich in vraagstukken die het kind betreffen, verdiept;
4. (christendom) deze wereld.

In de christelijke religieuze litteratuur spreekt men van ‘deze eeuw’, d.w.z. de (huidige) wereld met zijn haat, oorlogen, ziekten enz., in tegenstelling tot de ‘toekomstige eeuw’, een tijdperk waarin deze vormen van kwaad zullen ontbreken (zie apocalyptiek).