Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

Gepubliceerd op 31-01-2019

2019-01-31

Avond

betekenis & definitie

Avond - m. (-en), 1. de tijd die komt als de dag voorbij is en die nog niet tot de nacht gerekend wordt, in het algemeen het dagdeel tussen 6 (18) en 12 (24) uur: toen was het — geweest en het was morgen geweest; de eerste dag (Gen. 1,5); de tijd van de vallende duisternis, ook die duisternis zelf: de — valt; hij kwam met het vallen van de — thuis; des avonds, ’s avonds, op de avond van die bepaalde dag: ’s avonds bereikte ik de plaats van bestemming; bij avond, ’s avonds; (ook) bij het kunstlicht dat ’s avonds aangestoken wordt: die kleuren zijn bij — ’s avonds moeilijk te onderscheiden; in de —, op de —, ’s avonds: de post komt niet voor laat in de —; op de late —, ’s avonds laat, met het bijdenkbeeld van onverwachtheid, ongepastheid, overlast: wie zou daar nu op de late — nog bellen?; hij werkt van de morgen tot de —, hij werkt de hele dag, altijd; het liep tegen de —, de avond naderde; vanavond, deze avond: het weer is vanavond ruw; in de loop van de —, ’s avonds; de — te voren, op de avond van de vorige dag; de dag haalt de — wel, door die moeilijkheden komen we wel weer heen; de morgen weet niet wat de — brengt, het lot is onbestendig;

2. de tijdsruimte van het vallen van de duisternis tot het uur waarop men ter ruste gaat, vooral beschouwd in betrekking tot het werk, de ontspanning waarmee men die tijd doorbrengt: hij wijdt zijn avonden aan de studie; een avondje uit, een avond die men met bezoek aan schouwburg, bioscoop, cafés enz. doorbrengt; goedenavond!, groet die men ’s avonds wisselt;
3. een —, een avondje, een avondpartij, soiree of andere avondbijeenkomst: een avondje geven; muzikale avondjes; mensen op een avondje vragen; een bonte —, avondvoorstelling met een afwisselend programma;
4. de — van het leven, de ouderdom;
5. volgens Oudgermaanse opvatting het begin van een nieuwe dag, vandaar Sinterklaas-, vastenavond enz., de avond voorafgaande aan.

De avond behoort evenals de ochtend tot de heilige tijd. Dikwijls worden dan riten, offers en gebeden gebracht aan de godheid, m.n. ook om aan de gevaren van de nacht (kwade goden, geesten, machten of personen) te ontkomen.