Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

rommel

betekenis & definitie

rommel - zelfstandig naamwoord
uitspraak: rom-mel

1. rommelige, vieze boel
wat is het weer een rommel in je kamer!

Zelfstandig naamwoord: rom-mel
de rommel
het rommeltje

Synoniemen
bende, mikmak, puinhoop, rotzooi, smeerboel, troep, zootje