leest - zelfstandig naamwoord
1. smalste deel van je romp
♢ zij heeft een slanke leest
2. houten of metalen vorm waar schoenen op gemaakt worden
♢ hij zette de schoen eerst op een leest
1. dat is op dezelfde leest geschoeid
[dat heeft dezelfde basis, grondgedachte]
2. schoenmaker, hou je bij je leest!
[doe vooral datgene waar je goed in bent]
Zelfstandig naamwoord: leest
de leest
de leesten
het leestje
Synoniemen
middel, taille
Studenten en medewerkers van onderwijsinstellingen hebben gratis toegang.
Ensie voor jouw (onderwijs)instelling? Bekijk de mogelijkheden.