kitesurfen betekenis & definitie

kitesurfen - regelmatig werkwoord
uitspraak: kait-sur-fen

1. surfen op een speciaal surfboard waarbij men wordt voortgetrokken door een kite
♢ aan de kust bij West-Terschelling zijn altijd veel jongeren aan het kitesurfen

Regelmatig werkwoord: kait-sur-fen
ik kitesurf
jij/u kitesurft
hij/zij kitesurft
wij/zij/jullie kitesurfen
ik/jij/u/hij/zij kitesurfte of -de
wij/zij/jullie kitesurften of -den
hij heeft gekitsurft of gekitesurfd
kitesurfend, kitesurfende