Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

fronsen

betekenis & definitie

fronsen - regelmatig werkwoord
uitspraak: fron-sen

1. rimpels in je voorhoofd trekken
hij fronste bedenkelijk met zijn wenkbrauwen

Regelmatig werkwoord: fron-sen
ik frons
jij/u fronst
hij/zij fronst
wij/zij/jullie fronsen
ik/jij/u/hij/zij fronste
wij/zij/jullie fronsten
hij heeft gefronst
de/het/een gefronste ....
fronsend, fronsende