Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

deftig

betekenis & definitie

deftig - bijvoeglijk naamwoord
uitspraak: def-tig

1. als (van) iemand die hooggeplaatst is
hij droeg een deftig pak op de bruiloft

Bijvoeglijk naamwoord: def-tig
... is deftiger dan ...
het deftigst
de/het deftige ...
iets deftigs

Synoniemen
hoog, nobel, voornaam