Groot wielerwoordenboek

van asfalteczeem tot zoetemelkpositie (uitgave 1989)

Gepubliceerd op 25-05-2017

2017-05-25

kumgeit

betekenis & definitie

Goede klimmer; bergrijder. Veel mensen denken dat klimmers klein en tenger moeten zijn maar lange, krachtige renners zoals Merckx en Indurain hebben het tegendeel aangetoond. De versnelling en de ademhaling zijn belangrijke technieken voor het klimmen. Syn.: berggeit. In het Franse wielerargot: marchand de cols raides; cótier; ascenseur. Engels: climber.

Ik beleefde het tijdperk van de klimgeiten mee, Féderico Bahamontes, de Spanjaard, en Charly Gaul, de Luxemburger. (Henk Zorn: Wielersport. 1986)

Tergend langzaam haalde ik de stip in op het moment dat de afdaling eigenlijk al voorbij was, bleek het de Belgische klimgeit Michel Pollentier te zijn. (Leo van de Ruit en Frans van Schoonderwalt: De Kneet. Entertainer op twee wielen. 2005)